Belastingontwijking: meer dan binnen de lijnen blijven?

Persoonlijke Blog Pepieta Kleemans, Manager Forensic Deloitte

Het is een geruststellende gedachte: mijn zoontje van vier wordt later geen belastingontduiker. Nu al geeft hij duidelijk blijk de regels en (gedrags)lijnen te (h)erkennen. Hij heeft net een kleurplaat gemaakt. Alles is keurig binnen de lijntjes ingekleurd. Gelukkig maar, want bewust buiten de lijntjes kleuren kan een indicatie geven van willens en wetens de regels overtreden. Opgerekt associeer ik dit, als (strafrecht)jurist, als belastingontduiking. Een laagdrempelige vergelijking die ik graag nader uitwerk.

Het is opvallend dat het opzoeken van grenzen en voortdurend onderhandelen over wat wel en niet mag een gedragscomponent is die we al vroeg leren. Zakelijk zeilen we scherp aan de wind om zo optimaal mogelijk te presteren. Financieel geeft dat een goede mix van risico’s en mogelijkheden. Vanuit compliance oogpunt gezien, is dat een natuur die niet altijd succesvol is gebleken. Ook financieel niet als de kosten van onderzoek, boete en herstel meewegen.

Belastingontduiking is het expres te weinig of geen belasting betalen door belastingplichtigen, waarbij de wet wordt overtreden. Bij belastingontwijking is de historische uitleg dat de belastingdruk door belastingplichtigen wordt verlaagd, waarbij binnen de grenzen van de wet wordt gebleven. In de afgelopen jaren is sinds de Griekse financiële crisis een discussie gaande over de grenzen van het té goed zoeken naar de mogelijkheden om belasting te ontwijken.

Grote internationale bedrijven opereren in vele jurisdicties met verschillende belastingwetten en –verdragen. Het optimaal inrichten van een belastingafdracht is een onderdeel van een (commerciële) plicht om de onderneming financieel zo gezond mogelijk te laten zijn. Overigens willen ook kleine en middelgrote organisaties het betalen van de belasting betalen minimaliseren. Een van de instrumenten kan zijn met taxplanning of het gebruik maken van de mogelijkheden in de bi-laterale belastingverdragen zo weinig mogelijk belasting te betalen, waarbij de grenzen van de wet (de ‘lijntjes’) worden opgezocht.

Dat (grensoverschrijdende) belastingontduiking strafbaar is, weten we inmiddels, maar hoe zit het dan met belastingontwijking waarbij over het algemeen geen wetten worden overtreden?

Nikos Passas waarschuwt in 2005 in zijn artikel “Lawful, but awful: ‘Legal Corporate Crimes’ al dat door te veel te focussen op wat formeel als illegaal of als crimineel gedrag wordt gezien, een meer serieuze dreiging voor de samenleving over het hoofd wordt gezien. Een informele dreiging die wordt veroorzaakt door het handelen van bedrijven dat weliswaar binnen de grenzen van de wet valt, maar grote negatieve sociale consequenties heeft. Hierdoor worden democratische processen en duurzame economische groei ondermijnd.

Passas voert aan dat zelfs als alle wetgeving in de wereld met de beste intenties is opgesteld, er een substantieel verschil zit in deze wetgeving en de standaarden in de wereldgemeenschap waardoor veel conflicten kunnen ontstaan. Ongelijkheden in juridische definities en rechtshandhaving stelt bedrijven in staat in andere jurisdicties te doen wat thuis verboden is zonder de wet te overtreden. De globalisering van markten en bedrijven heeft gezorgd voor gefragmenteerde wetgeving. Hoe meer een bedrijf groeit in een nieuw geografisch gebied, des te minder het onderhevig is aan controle, aansprakelijkheid en geconsolideerd toezicht, aldus Passas.

Hij ziet het handelen van deze bedrijven als legaal, maar wel als iets dat meer schade aanricht dan crimineel gedrag doet, waarbij te denken valt aan: financiële kosten, schade aan het milieu en ondermijning van het democratische systeem. Dit handelen is volgens Passas “Lawful, but awful,” omdat het zulke negatieve gevolgen heeft, waaronder belastingontwijking waarbij de echte kosten verborgen blijven, maar die worden afgewikkeld op de samenleving als geheel.

Over het algemeen worden geen wetten overtreden en daardoor is het vinden van een oplossing voor deze problematiek een uitdaging. Het antwoord van Passas hierop is dat er behoefte is aan transparantie, regulering, aansprakelijkheid en een cultuuromslag in onze hedendaagse samenleving.

Er is ook een andere kant aan dit onderwerp.

De landen waarbinnen deze bedrijven opereren, zowel ontwikkelingslanden als westerse economieën, lopen miljarden aan inkomsten mis door mazen in de internationale belastingregels. Zoals Professor mr. drs. J.L.M. Gribnau in zijn artikel ‘Fiscale ethiek in de boardroom’ aangeeft, zijn belastingen hierdoor ook een moreel verschijnsel.

“Wanneer het opportunistisch toepassen van rechtsregels er toe leidt dat volstrekt evident geen eerlijk deel aan de maatschappij wordt betaald, dan is legaal handelen in principe niet legitiem. Als er niet heel goede bijkomende redenen zijn, is fiscaal gedrag in bijzondere gevallen wel legaal, maar niet moreel verantwoord. (…)

Het gaat niet enkel om het bewandelen van de fiscaal voordeligste weg: men draagt volstrekt evident niet bij aan de financiële middelen die nodig zijn voor het in stand houden van vrijheid, de maatschappij en de markt.” 

Gaandeweg is in het optimaliseren van de belastingontwijking binnen de hoeveelheid aan regels het risico toegenomen om het maximaal toelaatbare te gaan opzoeken. Men is meer gedreven door het ontwijken dan een ethisch aanvaardbare belastingafdracht verdedigen in de huidige maatschappelijke beleving. Deze maatschappelijk beleving is door de crisis en de diverse schandalen gaan schuiven en (on)ethische belastingontwijking wordt ter discussie gesteld.

Zoals beschreven in een artikel van 14 mei 2016 in het Financieele Dagblad, is een duidelijke trend waarneembaar dat belastingontwijking moreel twijfelachtig is. Het ondermijnt de welvaartsstaat. Schrijver Michiel Goudswaard wijst op “een onderstroom die morele kwesties weer een veel belangrijkere plaats zal geven in ons nationale gesprek. Het gaat langzaam, veel langzamer dan na het grote demasqué tijdens de financiële crisis werd gehoopt en verwacht”. Hij ziet ook “steeds meer mensen die de vanzelfsprekendheden uit het economisch systeem dat ons zo veel welvaart heeft gebracht ter discussie stellen. Inclusief de houding dat alles mag, wat niet expliciet verboden is.”

Dit is niet altijd zo geweest. In de jaren ‘80 met het Engeland van Margaret Thatcher was er geen animo om tot een Europese winstbelasting te komen. Concurrentie tussen landen werd als goed voor de welvaart gezien. En dat is lang het kompas geweest waar op gevaren is.

De Britse regering heeft nu wel plannen aangekondigd voor een afschrikkingsregime met hoge boetes voor partijen die behulpzaam zijn bij het opzetten en uitvoeren van ontwijkingsconstructies, zoals fiscaal adviseurs, advocaten en accountants.

Ook de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) heeft in haar plannen tegen belastingontwijking sancties voor adviseurs overwogen en meer transparantie voorgesteld.

Is het reëel dat er op korte termijn iets zal veranderen?
Zoals Goudswaard in zijn artikel aangeeft, gaat deze verandering langzaam, veel langzamer dan na de financiële crisis werd gehoopt en verwacht.

In het Europa van vandaag met Brexit en de groeiende nationalistische aandacht in veel landen is een gemeenschappelijk Europees fiscaal beleid immers nog ver weg.

De grote bedragen die in de belastingparadijzen staan zijn meestal in handen van Amerikaanse bedrijven die liquide middelen niet (kunnen) repatriëren naar Amerika, maar daar laten staan. Onder de Amerikaanse wetgeving is dat expliciet toegestaan. Om dit te wijzigen zal de Amerikaanse belastingwetgeving moeten worden aangepast, maar de politiek in Amerika kan daar niet tot overeenstemming komen.

Belastingen worden bij wet geheven en niet op basis van moraliteit. Als men het niet eens is met het gebruik van deze wetten, dan zou een optie zijn de wetten te wijzigen en niet de belastingbetalers aanspreken op hun gedrag.

In lijn hiermee is de stelling dat niet op voorhand is te zeggen dat ontwijking het economische systeem ontwricht. Veel van de fiscale planning wordt gefaciliteerd door overheden, omdat men belastingheffing als instrument gebruikt voor economisch beleid. De Amerikaanse overheid geeft die mogelijkheden echt bewust aan Amerikaanse bedrijven zodat zij op die manier goedkoper in het buitenland kunnen opereren. Ontwikkelingslanden geven ook fiscale voordelen (tax holidays) om op die manier buitenlandse investeringen aan te trekken.

Is dat ontwrichtend of eigenlijk verkapte subsidie? Deze lijn doortrekkend zouden we wellicht subsidies ook moeten afschaffen waar vanuit een macro economisch perspectief veel voor te zeggen valt.

The Price We Pay

Al deze problematiek komt aan de orde in de film “The Price We Pay”. De filmmakers stellen dat door belastingontwijking door een aantal grote bedrijven afbreuk wordt gedaan aan de fundering van de democratische staat. Door het gebruik van belastingparadijzen worden triljoenen dollars “offshore” geparkeerd en lopen overheden ieder jaar belastinginkomsten mis. De film stelt aan de kaak dat deze praktijken betwistbaar legaal zijn en zoekt het debat over de vraag of het moreel is.

Een quote uit de film is: “We are not accusing you being illegal, we are accusing you of being immoral” Deze quote van Margaret Hodge kun je ook dichter bij huis toepassen. Veel mensen doen aan fiscale planning, zoals het kopen van een huis tegen een zo hoog mogelijke hypotheek of het kopen van een hybride auto voor de lage bijtelling. Mensen en bedrijven met veel geld en internationale activiteiten hebben meer ontwijkingsmogelijkheden en die ongelijkheid voelt voor velen onterecht en moreel twijfelachtig.

Als de trend zich voortzet dat belastingontwijking moreel twijfelachtig is, zal er wellicht in de toekomst weer meer binnen de lijntjes worden gekleurd. Ten slotte is alleen een kleurplaat die netjes binnen de lijntjes ingekleurd is het bewaren waard, nietwaar?

4 & 5 okt
Wij gebruiken cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Meer informatie