In Limbo (2015)

In Limbo (2015)

Antoine Viviani

85 minuten

Utopieën zijn per definitief naïef. Net als dystopieën. Een wereld waar iedereen gelukkig is en alles op rolletjes loopt, is zo plat als een dubbeltje. En ook een wereld waar alles en iedereen uit is op ellende en afbraak, is net iets te makkelijk. Zo zijn mensen niet. De belangrijkste eigenschap van onze werkelijkheid is haar onpeilbare diepte. Louter liefde of louter ellende, dat houden we niet vol. We zijn het langst houdbaar in een combinatie van goed en kwaad. Dat is het soort omgeving waarin de mensheid het beste gedijd. Een beetje goed, een beetje kwaad, een vleugje hemel, een toefje hel.

Zelfs in de utopie der utopieën, het Bijbelse paradijs, voelde de mens zich uiteindelijk niet thuis. Het was er fantastisch, eten en drinken in overvloed, alle dagen feest, maar er knaagde iets: we wilden meer, we wilden dieper, we wilden kennis. Paradijs betekent in het Perzisch ‘ommuurde tuin’. En dat is precies wat er mis mee is. Er staat een hek omheen. In het paradijs mag niet alles mag gezien en gezegd worden. Het paradijs is een droom, een illusie, niet echt. Of op zijn minst, half-echt. Dus moesten Adam en Eva daar weg. Ze wilden niet slechts de halve, maar de hele waarheid, ook al leidt dat tot ‘inconvenient truts’. Het zij zo. Buiten Edense muren is het vaak koud en guur. Het is wat het is. Vermeerdering van kennis is vermeerdering van leed. Niets aan te doen.

In Limbo is een impressionistische, nogal zweverige en langdradige semikunstzinnige documentaire, waarin een stem (Nancy Huston) zachtjes fluisterend vertelt hoe ons leven eruit zou kunnen zien als onze lichamelijkheid volledig was vervangen door datasporen. We zien stranden en wolkenluchten, grote computers, dataopslagruimten en af ten toe wat computergoeroes die de toekomst voorspelen en digitale pioniers die vertellen hoe geweldig het zal zijn als alles wat er op de wereld gebeurt, wordt geregistreerd en opgeslagen. ‘Dat moet toch kunnen?’ Het kan, maar moet het ook? Brave New World.

Hoe zit de werkelijkheid eruit als de volledige fysieke wereld is overgebracht naar de virtuele wereld, als alles en iedereen is opgeslagen in computers.  In Limbo probeert de implicaties van dit (fascinerende?) idee te onderzoeken. Helaas lukt dat niet echt. In Limbo grossiert in vage tegelteksten die nauwelijks worden geduid en extreme toekomstvisies die niet kritisch worden geanalyseerd.

‘Nu weet mijn computer al meer over mij dan mij moeder. In mijn computer zijn meer details van mijn gedrag vastgelegd dan mijn moeder ooit zou kunnen onthouden.’ Is dat zo? Computers kunnen enorm veel informatie opslaan, maar we snappen nog vrij weinig van de werking van het menselijk geheugen. Ik vrees dat mijn moeder meer over mij weet dan ik (of mijn computer) vermoed.

‘Een persoon bestaat vooral uit informatie’. Klopt. We zijn slechts een verzameling nulletjes en eentjes. En wij zijn ons brein. Maar we zijn ook atoomstof. En we zijn onze omgeving. En onze cultuur. En we zijn het product van een toevallige interactie tussen genen en geschiedenis. Et cetera. De mens is misschien bovenal een schier oneindige hoeveelheid metaforen. Voor elke ideologie is wel een mooi beeld voor handen. We zijn schipbreukelingen die zich vastklampen aan elk stuk wrakhout dat de illusie koestert dat ons lot niet volstrekt absurd is.

In Limbo wordt de suggestie gewekt dat mensen digitaal kunnen worden gekloond door alles wat ze zien, voelen en horen te registreren en op te slaan op computers. Alsof. Alsof wij louter zijn wat wij doen en meemaken. Alsof wij kunnen worden gereconstrueerd door onze gedragingen achter elkaar te leggen en ‘uit te printen’.

Niemand kent mij helemaal. Zelfs ik niet. Ook niet als ik mijn hele leven al mijn doen en laten digitaal had vastgelegd. Ik ken een deel van mijzelf (en gelukkig is die kennis de afgelopen jaren exponentieel gegroeid), maar mijn moeder weet dingen over mezelf die ik al lang weer vergeten ben. Mijn vrouw weet heel veel over mij, meer dan ik vermoed. Mijn kinderen, mijn vrienden, mijn vijanden: allemaal hebben ze ‘intelligence’ over mij waar ik geen weet van heb. Ik besta niet, ik ben fluïde. Wie ik ben hangt af van wie degene is die iets over mij wil weten. Ik ben een product van De Ander.

Net als U overigens.

4 & 5 okt
Wij gebruiken cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Meer informatie